• info@vse.nl
  • Opaalstraat 10, 2872 ZR Schoonhoven
 Van netcongestie naar energiebalans – de kracht van data

Van netcongestie naar energiebalans – de kracht van data

Nederland is zeker niet het enige land dat te maken heeft met netcongestie. Gelukkig bestaan er oplossingen voor dit probleem. Digitalisering en standaardisering kunnen helpen de druk op het elektriciteitsnet te verlagen, en daarmee ook de kosten voor verdere netverzwaring beperken.

Dat zei Sander Drissen, innovatiedirecteur bij Scholt Energy, tijdens ons seminar over netcongestie op 29 oktober 2025. Scholt Energy is al twintig jaar actief als zakelijke energiepartner in de levering van elektriciteit en gas. Het bedrijf opereert in Nederland, België, Duitsland en Oostenrijk en ondersteunt ruim 12.500 klanten bij het efficiënt organiseren én verduurzamen van hun energievoorziening. Zowel voor grootverbruikers als voor duurzame energieproducenten maakt Scholt Energy de transitie naar klimaatneutrale energie mogelijk door energiestromen inzichtelijk te maken en de juiste energiestrategie te bepalen. Onder het motto Powerful Partnership zet het bedrijf in op langdurige samenwerkingen.

Flexibiliteit benutten

“We helpen onze klanten hun eigen strategie te ontwikkelen voor de duurzame inkoop van energie”, vertelde Drissen. “Daarbij combineren we dynamische tarieven met de langetermijnmarkt. Er zit flexibiliteit in de markt, en we helpen klanten om die te benutten. Vraag en aanbod spelen een grote rol in de energiemarkt: de dagmarktprijzen zijn ’s ochtends en ’s avonds hoog omdat consumenten en bedrijven dan veel energie nodig hebben, maar er weinig aanbod is aan goedkope, duurzame energie. Overdag, als de zon schijnt, zijn de prijzen juist laag door het hogere aanbod.”

Netcongestie

Doordat er steeds meer zonnepanelen en windturbines op het elektriciteitsnet worden aangesloten en bedrijven steeds meer elektriciteit verbruiken, ligt er een immense opgave voor netbeheerders om het net stabiel te houden en verder uit te breiden. In Nederland kampen we al enkele jaren met netcongestie, waardoor bedrijven hun aansluiting niet kunnen laten verzwaren. Op dit moment staat er maar liefst zes keer de huidige netwerkcapaciteit in de wachtrij. Dat is volgens Drissen geen typisch Nederlands probleem. “In andere landen is het nog veel erger. In Australië worden ze daar bijvoorbeeld al veel langer mee geconfronteerd.”

Elektrisch vervoer

Uit onderzoek blijkt volgens Drissen dat 12 procent van de elektrische vrachtwagens onderweg laadt en 88 procent op bedrijventerreinen. Van die laatste groep laadt 79 procent op het depot.

Ook ongeveer de helft van de commerciële elektrische bussen laadt op het depot – precies daar waar netcongestie een probleem vormt. “Ze laden niet op momenten dat de zon schijnt”, legt Drissen uit. “We krijgen dus een enorm probleem als we al het vrachtvervoer willen elektrificeren. Energiehubs, waarbij bedrijven onderling capaciteit delen, zouden een mooie oplossing kunnen bieden.”

Charging Energy Hubs

Scholt Energy is betrokken bij Charging Energy Hubs, een Nationaal Groeifonds-project onder leiding van Heliox, onderdeel van Siemens eMobility. Aan het project werken dertig partijen mee. Ze hebben 41,6 miljoen euro subsidie ontvangen om een blauwdruk te ontwikkelen voor slim laden en binnen drie use case de prototypes van innovatieve hardware en software te testen en valideren, om zo de elektrificatie van de logistieke sector te versnellen. Daarvoor moeten niet alleen financiële, maar ook juridische en organisatorische barrières worden weggenomen.

De samenwerkende partijen zijn een industrieterrein aan het elektrificeren door de aanleg van een 3 MW DC-microgrid. Ze ontwikkelen technologische innovaties om de integratie van laadinfrastructuur, batterijopslag en hernieuwbare energiebronnen in het bestaande, overbelaste net te verbeteren. Het project loopt sinds januari 2024 en duurt tot december 2027.

Automatisch laden

Op het terrein wordt energie opgewekt met behulp van een windturbine en zonnepanelen. Er worden mobiele batterijen getest om de opgewekte energie tijdelijk op te slaan. Elektrische vrachtwagens kunnen er straks automatisch laden, zonder dat de chauffeur de stekker nog handmatig hoeft aan te sluiten. Daarnaast zullen op het terrein de eerste publieke megawattlaadpunten worden getest. Ook elektrische scheepvaart komt aan bod. Verder testen de partners voorspellende modellen in combinatie met een reserveringssysteem, om het laden nog efficiënter te maken.

Standaardisatie en digitalisering

“We testen een systeem dat optimaal gebruikmaakt van de energie die de verschillende bedrijven op het terrein tot hun beschikking hebben”, legt Drissen uit. “Ons doel is een robuust, netvriendelijk en kostenefficiënt laadplein te realiseren. In de logistiek zijn de marges klein, dus elke besparing telt. Standaardisatie van laadinfrastructuur en het uitwisselen van data spelen daarbij een cruciale rol.”

Voorspellen, plannen, optimaliseren

“In de energiemarkt moet je kunnen voorspellen en plannen”, vervolgt Drissen. “Wat wordt het weer de volgende dag? Hoeveel energie kun je opwekken, hoeveel heb je zelf nodig en hoeveel blijft er over om te verhandelen? Als je weet wat de vraag en het aanbod zijn, kun je verder gaan optimaliseren. De planningsfase is cruciaal om je hele energiehuishouding goed op orde te krijgen.”

“Je moet voortdurend rekening houden met variaties, maar één ding is zeker: de vrachtwagen moet op een bepaald moment voldoende hebben geladen om te kunnen gaan rijden. Je moet dus real time kunnen sturen. De grote uitdaging is het beschikken over de juiste data, op het juiste moment en in een gestandaardiseerd formaat. Op termijn zullen we nog veel meer data moeten uitwisselen dan we nu al doen. Dat zal er volgens mij toe leiden dat we minder hoeven te investeren in de versterking en uitbreiding van het net, waardoor we de netwerkkosten betaalbaar houden.”